© Rijksmuseum, Amsterdam
Bruikleen van de gemeente Amsterdam (legaat A. van der Hoop)
Het vrolijke huisgezin door Jan Steen
Kunst

Het vrolijke huisgezin

Jan Steen

Een ‘huishouden van Jan Steen’

In eerste instantie oogt ‘Het vrolijke huisgezin’ als een gezellig en feestelijk tafereel. Je krijgt bijna zin om mee te zingen met de uitgelaten familie. Jan Steen had echter een heel andere bedoeling met zijn schilderij. 

Jan Havicksz. Steen (ca. 1625-1679) werd in Leiden geboren als zoon van een bierbrouwer. Na de Latijnse School schreef hij zich in 1646 in aan de Leidse universiteit, maar voltooide die niet: hij ging in de leer voor schilder. In 1648 was Steen medeoprichter van het Leidse schildersgilde, waarin hij diverse functies bekleedde. Hij had een enorme schilderijenproductie: vooral bekend zijn de genrestukken met vrolijke gezelschappen, maar Steen maakte ook portretten en historiestukken. Om zijn inkomen aan te vullen, runde de schilder in Delft een brouwerij en opende hij later een herberg in zijn woning. Uit levensbeschrijvingen komt hij naar voren als een losbol, maar dat idee is meer gebaseerd op zijn geschilderde personages dan op feiten. Jan Steen ligt begraven in de Leidse Pieterskerk.

Op Steens ‘Het vrolijke huisgezin’ is het een dolle boel. Er wordt gedronken, gerookt, muziek gemaakt en luidkeels meegezongen door alle leden van het gezin. Ook de kinderen roken en drinken “gezellig” mee. De lege pannen zijn op de grond gegooid, het tafelkleed hangt scheef en er ligt zelfs iemand op tafel. Kortom, het is een zooitje ongeregeld op dit schilderij. Rechtsboven zien we een papier hangen met daarop de woorden ‘Soo de ouden songen soo pypen de jongen’ (zo de ouden zongen, zo piepen de jongen). Dit is een oud gezegde dat zoveel betekent als: slecht voorbeeld, doet slecht volgen. Jan Steen vraagt zich terecht af wat er van de kinderen op dit schilderij moet komen. Hiermee schilderde hij een maatschappelijke waarschuwing, een soort SIRE-campagne als het ware. Waarschijnlijk zag hij dit soort taferelen vaak genoeg in zijn herberg. 


Jan Steen schilderde vaker dit soort chaotische huishoudens, zoals ‘Het Sint-Nicolaasfeest’, ‘Het dronken paar’ en ‘Soo voer gesongen, soo na gepepen’ . Vandaag de dag spreken we nog steeds over ‘een huishouden van Jan Steen’ als we het hebben over een rommelig huishouden zonder regels, waarin iedereen maar doet waar hij zin in heeft.